Het Nederlandse pensioenstelsel komt voor het tweede jaar achtereen uit de bus als beste ter wereld. Dat blijkt uit de Melbourne Mercer Global Pension Index van Mercer in samenwerking met het Melbourne Centre for Financial Studies, die de pensioenstelsels van veertien landen vergelijken.
Nederland staat op nummer 1 met een indexwaarde die gestegen is van 76,1 in 2009 tot 78,3 in 2010. Reden voor de stijging zijn onder andere de in het regeerakkoord opgenomen verhoging van de AOW-leeftijd. Zwitserland bekleedt de tweede plaats en Zweden de derde. De toppositie van Nederland is nog altijd onvoldoende voor een zogenaamde A-grade classificatie (een score van boven de 80). “Hoewel we natuurlijk trots zijn op deze notering, moeten we ernaar streven om de A-grade status met een score van boven de 80 te behalen”, aldus Willem Burgman, directeur Retirement Benelux bij Mercer.

Het Nederlandse systeem kan volgens het rapport nog worden verbeterd door:
- Het stimuleren van zelfstandig sparen ten behoeve van pensionering
- De arbeidsparticipatie van oudere werknemers te verhogen
- Te voorzien in een betere bescherming van opgebouwde pensioenafspraken in het geval van fraude of mismanagement.
Met name mondiale trends en ontwikkelingen zoals de impact van de financiële crisis en de hogere leeftijd hebben veranderingen in de index van dit jaar veroorzaakt. Brugman: “De crisis heeft de duurzaamheid van publieke en private pensioenstelsels in verschillende landen aangetast door de daling in de waarde van activa en een hogere staatsschuld. Dit was vooral het geval voor de scores van Canada, Groot-Brittannië en de VS.” In alle landen van de index is volgens Brugman bovendien sprake van een verhoogde levensverwachting.
De druk op het publieke pensioenstelsel neemt toe doordat het gat tussen de pensioenleeftijd en de levensverwachting groter wordt. “Dit benadrukt nog eens de noodzaak voor overheden om hun staatspensioen of pensioenleeftijd te herzien en te focussen op de toereikendheid van het private systeem”, aldus Brugman.